Spelen in onze producten

Spel

In deze instructie lees je wat leerlingen zien en doen in de verschillende leeromgevingen van Oefenweb.

1. Spelers en de spelomgeving

Spelers komen direct na inloggen in de spelomgeving terecht. De speler heeft hier toegang tot een individuele spelomgeving die afhangt van individuele vaardigheid en speelfrequentie. Spelers kunnen van hieruit de spellen spelen of rechtsboven met een kaart navigeren naar de prijzenomgeving, bonusomgeving en helppagina.

2. Bonusomgeving

bonus_rt   Taalzee bonus   bonus_wb

De standaardinstelling van de spelomgevingen is dat toegang tot de bonus spelomgeving pas wordt gegeven als een speler alle beschikbare spellen van de basis spelomgeving heeft gespeeld. Hiervoor dient de speler per spel minimaal 10 opgaven achter elkaar te maken. Wanneer dit voor alle spellen in de basisomgeving is gebeurd, verdwijnt het slot voor de bonusomgeving en heeft de speler toegang tot de spellen in de bonusomgeving.

3. Spelen in Rekentuin

speelomgeving1

In Rekentuin kunnen spelers een tuintje met plantjes onderhouden door regelmatig rekenspelletjes te spelen. Ieder plantje in de tuin staat voor een rekendomein en een bijbehorend rekenspelletje, zoals optellen en vermenigvuldigen. De plantjes groeien afhankelijk van het succes. De planten worden mooier als de vaardigheid van een speler stijgt. Wanneer een bepaald niveau wordt behaald verschijnen er vanzelf weer nieuwe plantjes van nieuwe rekendomeinen.

Spelers moeten hun tuin wel onderhouden, want de plantjes verdorren en er verschijnt een gieter als er niet regelmatig gespeeld wordt. Om de planten gezond te houden zal de speler ten minste één keer per week moeten spelen per domein. Wanneer spelers voor het eerst inloggen zijn alleen de spellen: Optellen, Aftrekken en Tellen beschikbaar. Het aantal spellen neemt automatisch toe wanneer spelers zich ontwikkelen.

4. Spelen in Taalzee

Taalzee Speelomgeving

In Taalzee moeten spelers de dieren in hun zee gezond houden door taalspelletjes te spelen. Ieder dier in Taalzee staat voor een taalvaardigheid en een bijbehorend taalspel. De dieren zijn gezond en zwemmen dichtbij als spelers voldoende oefenen. Er verschijnen vanzelf nieuwe dieren in de zee als spelers beter worden.

Wanneer minder regelmatig geoefend wordt, zwemmen de dieren steeds verder de zee in en kunnen ze zelfs ziek worden. Vanaf dat moment zijn de dieren minder goed zichtbaar waardoor er tevens een steen op de bodem van de zee verschijnt met de naam van het spel erop. Door op de steen of op het diertje te klikken en 10 opgaven te maken, zal de steen verdwijnen en het dier weer gezond en kleurrijk worden. Om de dieren gezond te houden zal de speler ten minste één keer per week moeten spelen per dier.

Wanneer spelers voor het eerst inloggen zijn alleen de taalvaardigheden Flits, Woordenschat en Woordherkenning beschikbaar. Het aantal spellen neemt automatisch toe wanneer leerlingen zich ontwikkelen en hun vaardigheden verbeteren.

5. Spelen in Words&Birds

In Words&Birds moeten spelers de vogels in hun bos gezond houden door Engelse taalspelletjes te spelen. Iedere vogel in Words&Birds staat voor een taalvaardigheid en een bijbehorend taalspel. De vogels zijn gezond en vliegen hoog in de lucht als spelers voldoende oefenen. Er verschijnen vanzelf nieuwe vogels als spelers beter worden.

Wanneer minder regelmatig geoefend wordt, vliegen de vogels steeds lager en kunnen ze zelfs gevangen worden door een poes. Door op de gevangen vogels te klikken en 10 opgaven te maken, komen ze weer vrij en kunnen ze weer vliegen. Om de vogels te laten vliegen zal de speler ten minste één keer per week moeten spelen per vogel.

Wanneer spelers voor het eerst inloggen zijn alleen de deelvaardigheden Flashy, WordoAudio en Chooser beschikbaar. Het aantal spellen neemt automatisch toe wanneer leerlingen zich ontwikkelen en hun vaardigheden verbeteren.

Zelf spellen in- en uitschakelen
Onder Beheer – Spelinstelling (backend) kun je de beschikbaarheid van de spellen in de spelomgeving voor je kind instellen. Zo heb je invloed op de spellen die je kind(eren) speelt. Lees hier meer over in de bijbehorende handleiding: Spelinstelling.

6. Over Spellen, Muntjes en Prijzen

In de leeromgevingen van Oefenweb oefenen spelers in de spellen door antwoord te geven op 10 opgaven. Door opgaven snel en goed te beantwoorden kunnen spelers muntjes verdienen. Hoe sneller een goed antwoord wordt gegeven, hoe meer muntjes een speler verdient. Dit geldt ook omgekeerd, wanneer een speler een fout maakt, verliest de speler muntjes. Een snel fout antwoord leidt tot meer aftrek van muntjes dan een fout antwoord waar eerst enige tijd over is nagedacht. Op deze manier ontmoedigen we het gokken. Wanneer leerlingen zouden gokken komen ze op ongeveer 0 muntjes uit.

Muntjes

Na het beantwoorden van 10 opgaven achter elkaar van één spel, ontvangt een speler een extra bonus van 25 munten. Vervolgens komt de speler weer in de spelomgeving en worden het totaal aantal muntjes opgeteld bij het aantal muntjes dat een speler al eerder heeft verzameld. Een speler kan binnen de reeks van 10 opgaven ook eerder stoppen door op de stopknop te klikken.

 

De muntjes die een speler heeft verzameld tijdens het spelen kunnen worden gebruikt om prijzen te kopen in de prijzenomgeving. Binnen de Taalzee is dit bijvoorbeeld een schatkist. Spelers kunnen prijzen kopen en verkopen naar hun eigen wens. Deze prijzen verschillen per spelomgeving, zo zijn er in Rekentuin o.a. medailles en bekers te winnen. Taalzee heeft o.a. schatkaarten en scepters.

 

Spelers kunnen binnen de leeromgevingen van Oefenweb ook invloed uitoefenen op het moeilijkheidsniveau van de spellen om het uitdagender of makkelijker te maken. Uiteraard blijven ze op hun eigen niveau oefenen maar kunnen ze het wel iets moeilijker of makkelijker maken. Dit kunnen ze doen in de spelomgeving door op het icoontje te klikken met minder of meer ‘zweetdruppeltjes’. Dit heeft ook invloed op de waarde van de muntjes die ze verdienen met het geven van een goed antwoord. In de moeilijke stand zijn de muntjes twee keer zoveel waard als in de gemiddelde stand. Wanneer een leerling kiest voor makkelijke opgaven zijn de muntjes nog maar de helft waard van de normale waarde.

Verder zijn er binnen de spellen nog een aantal belangrijke knoppen:

 

Als een speler het antwoord echt niet weet dan kan hij/zij altijd klikken op het vraagteken. Dit heeft geen invloed op de muntjes, er komt niets bij en gaat niets af.

Vraagteken

Als een speler een opgave niet vindt kloppen dan kan hij/zij klikken op het uitroepteken en aangeven wat er niet klopt.

uitroepteken

Als een speler door wil naar de volgende vraag dan kan hij/zij klikken op de pijl.

volgende-vraag

Als een speler wil stoppen dan kan hij/zij drukken op het kruisje.

stoppen

7. Uitloggen leerlingen

Als een speler wil stoppen met oefenen kan hij/zij de leeromgeving verlaten door op de stopknop te drukken rechts in beeld van de spelomgeving.
stoppen

Misschien ook interessant: